dinsdag 22 mei: Zafra - Merida

mail Jan 16.04 uur

Vandaag aangekomen in Merida en op zoek gegaan naar internet. 

Gisterenavond was er wel sprake van een restaurante, maar die bleef gesloten.  Dan ben ik maar naar een benzinestation geweest - het dorp was te ver - en daar een blikje mosselen, een blikje vis en een blikje olijven aangeschaft met een paar blikjes bier. Dat was dan mijn avondeten. Wat ik nog mee had - een paar broodjes en smeerkaas - spaar ik voor later. Zoals we geleerd hebben: een appeltje voor de dorst.

Om 9 uur lag ik al in mijn bed, want eerlijk gezegd was ik stikkapot na al dat heen-en-weer-rijden en eigenlijk wist ik niet wat mijn Spaanse vriend wou. Voor het slapen gaan, bespraken we de rit van vandaag en in feite waren we allebei hetzelfde van plan.

In plaats van om 10 uur was Fieto (ik weet nog steeds niet of ik het juist schrijf, maar die naam werd afgeleid van Adolf, en gisteren vroeg hij nog aan mij of ik een Duitser was) reeds om 6.30 uur aan 't inpakken en - eerlijk - ik was mij al gans de tijd aan het afvragen hoe ik gerecupeerd was van gisteren.
Alles ingepakt, de sleutel weer naar het politiebureau ( je mag het niet vergelijken met man bijt hond) en dan op zoek naar een bar voor het ontbijt. Na het ontbijt moest Fieto zijn banden nog opblazen: stop aan een benzinepomp. Ik pompte mijn banden ook op, maar in feite was het niet nodig.
Toen we vertrokken, maande hij me aan om het 'op zijn Spaans' te doen: rustig dus. Hij heeft mij gisteren bezig gezien en hij was natuurlijk bang voor vandaag.
Toen ik zag dat hij een banaan weg stak, vroeg ik hem ergens te stoppen waar ik inkopen kon doen. Hij begon een uitleg te doen over in welk dorp we zouden stoppen.
Ik liet hem op kop vertrekken en liet mij meedrijven op een wolk van moeheid en vragen in verband met mijn herstel.
Ik liet hem maar doen en - eerlijk - ik zag in hem onmiddellijk de Spaanse meester Marc: hij toonde mij de weg en toen ik op kop reed (na 20 km), riep hij waarheen ik moest en of het te vlug ging. Het was op een echt gezapig tempo en ik moet erkennen: als je zoiets onderneemt, moet je de wielertoerist uit jezelf bannen en op een rustig tempo rijden. Wat ik ook bijgeleerd heb is dat je een voorraad moet meehebben, zodat je niet voor verrassingen komt te staan, zoals ik gisterenavond. En een dag zonder warm eten gaat ook.
Hij was ook bezorgd om mij, want telkenmale vroeg hij of het goed met me was. Zo ging de rit rustig verder langs de nationale route, waar er geen verkeer was, want links van ons lag een autostrade die aangelegd werd met Europees geld en waar ook heel weinig verkeer was.
Plots nam hij de wandelroute van de pelgrims en voor mij was dat weer een droom die werkelijkheid werd. Met mijn 40kg (fiets en bagage samen) deden we in feite een mountainbiketocht in de open velden.
Het landschap veranderde van olijfbomen in nieuwe plantages van druiven.
Op die aarden weg ontmoetten we een pelgrim te voet. Dat moet iets fantastisch zijn: alleen met jouw rugzak onderweg zijn. En de route is zeer goed uitgepijld, beter dan voor een fietser.


De laatste twee nachten hebben we maar 3 euro betaald om te slapen. Nu begrijp ik meer en meer die Fieto: hij wil echt als pelgrim die weg afleggen. Wat ons morgen te wachten staat weet ik niet, maar ik ben zeker dat er vanavond een kleine vergadering gepland wordt en dat ik gewillig mijn Spaanse meester Marc zal volgen. 't Is toch normaal: hij is een Spanjaard en hij kent toch zijn land zoals ik België ken.


Na een ritje van 65 km en 140 hoogtemeters zijn we rond 13 uur aangekomen in de albergue in Merida. Ik was blij met die overgangsrit, want er volgen nog zware dagen.


Deze morgen was het frisjes maar aangenaam. Er was maar een briesje uit het noord-noordoosten.
Eénmaal heb ik Fieto moeten corrigeren en hem leren kijken naar de zon: toen we de nationale verlieten om op een carrera te rijden, reden we totaal verkeerd, tot ik hem erop wees dat hij moet kijken naar Laura.


In de albergue aangekomen, werd ik verwelkomd door een Spanjaard die twee dagen geleden het stapelbed met mij  deelde. Maar hoe hij daar al was, is en blijft voor mij een vraagteken.

Ook in die albergue waren er drie dames klaar om te vertrekken en toen ze mij zagen, schrokken ze zich een bult. Natuurlijk stond ik verbaasd te kijken. Ze wezen naar mijn benen, maar ik had het niet onmiddellijk door. Tot ik onder de douche stond: het warm water deed pijn aan mijn benen. Ze waren zeer rood, dus weer een probleempje. Voor het eten in de stad, naar een apothekeresje geweest. Een goed zalfje gevraagd, ingewreven en gaan eten. Nu nog de historische stad bezichtigen en op naar morgen.


Fietsen op de camino van de voetgangers met mijn Spaanse vriend Fieto






Klik op het kaartje om het groter te zien.





 

2 opmerkingen:

  1. Dag Jan.
    ge zijt goe bezig. mooie foto's.
    Je dagelijks verlag geeft ons een mooie beeld van hoe het eraan toegaat op weg naar Santiago.
    groeten van Linda en Oswald.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Opa Fiets,

    Kleur bekennen. Kleur geven. Kleur krijgen. Dag vier: een dag vol variatie. Opeenvolgende dingen die steeds anders zijn. Van kleur. Van tint. Van zijn. Ook wij zorgen voor afwisseling. Jouw eerste rit kleurden we groen. Rit twee kreeg de kleur roze en vandaag kleurt alles paars (o.a. beeld van rouw maar evenzeer het symbool voor passie, inspiratie... Verhofstad en Vogels). Weet dat onze deugnieten aan de basis liggen van de fietsrit-kleurkeuze. Weet ook dat ze jou in hun het hart dragen. Alsook vele anderen. Op naar de volgende kilometer. Op naar Jandag Fandag.

    BeantwoordenVerwijderen