Hallo
Ik zit hier reeds in Santiago in dezelfde albergue als verleden jaar, waar een Duitse jungfrau en een Afrikaanse inwijkeling (zeer sympathiek) mij goed hadden verzorgd. De Duitse jungfrau is er niet meer en van mijn zwarte vriend kreeg ik haar kamer toegewezen. Een kamertje voor mij alleen dus, wat een luxe.
Gisteren, bij de albergue, was dat in feite een storm in een glas water. Later heb ik nog een goed gesprek gehad met die man. Het was een Italiaan. Ik zou dat toch moeten geweten hebben. Maar ik denk dat er, voor ik aankwam, al iets gebeurd was. Deze morgen heb ik waarschijnlijk de ware toedracht ontdekt. De albergue was ingedeeld in twee slaapzalen en eigenaardig genoeg lag er in de ene slaapzaal nog niemand in bed om 21uur. En in onze slaapplaats lag reeds drie vierde in bed. Zoals ik zei: toen de lady binnenkwam om 15.30 uur om ons in te schrijven, was er een geduw om in te schrijven. Deze morgen waren er om 5 uur reeds pelgrims in de weer om te vertrekken. En om 6.30 uur ben ik opgestaan omdat ik daar maar niks lag te doen. Toen ik rond 7.15 uur vertrok, merkte ik opeens een man met bagage die naar een auto ging en toen namen ze ( met hun vieren) een uitgebreid ontbijt. Dat waren toeristen die de goedkope slaapplaatsen innamen van de echte pelgrims, die ook stempeltjes verzamelden om dat papiertje in Santiago te kunnen krijgen. Er werd al over verteld bij ons, maar zo zie je maar dat dit echt gebeurd en niet alleen met Spanjaarden.
Onderweg, met Johan, Brigitte, Helga, Lee en de drie Italianen hadden we het daarover en we waren eensgezind: het is niet voor dat papiertje, maar voor onszelf en voor de mensen die ons iets vroegen, dat we het doen. En dat zal morgen gebeuren in de kathedraal.
Onder mij sliep een fransman uit Nantes, een zeer vriendelijke man, en we vertelden wat we de volgende dagen zoal zouden doen. Hij zei nog tegen mij: "Kalmpjes. Doe het in twee dagen," en dat was ik eigenlijk van plan.
Ik wil jullie ook nog de volgorde van opname in een albergue meegeven: eerst de gehandicapten,
daarna de voetgangers (en daar heb ik mijn bedenkingen bij, hoe moeten die pelgrims eruitzien?),
dan diegene die te paard zijn, vervolgens de fietsers en als laatste diegene met een auto. Maar die plaatsen hun auto uit het zicht van de albergue, dus zijn het zogenaamd voetgangers.
Dus om 7.20 uur zonder ontbijt op pad, want in het dorpje was er nog geen bar open. Een beetje gefietst en de eerste bar binnen om mijn desayuno te nemen. Dan weer de fiets op, en - eerlijk - het ging moeilijk, want ik had een onrustige nacht achter de kiezen: om middernacht sliep ik nog niet en om 5 uur was ik opnieuw klaarwakker.
Zoals gezegd, had ik gepland de resterende 130 km in twee dagen fietsen.
Maar het begon al met mijn gps: hij wou de pelgrimsroute nemen door het bos. Het begon al van gisteren. Ik denk dat hij of zij bij het baasje in de gunst wou staan, want hij of zij had waarschijnlijk al opgevangen dat ik misschien volgend jaar met de mountainbike die route wil volgen.
Na 20 km kwam ik in Ourense aan. Ik heb de kathedraal gezocht en gevonden. Gans die tijd heb ik maar één fiets in die grote stad gezien: de mijne.
Om uit Ourense te geraken, was er een klimmetje van zeker 10 km.
Plots zag ik een wegwijzer: nog 98km. En toen begon ik te cijferen.
Bij km 87 heb ik mijn voorraad ingeslagen om een monsterontsnapping voor te bereiden: onder andere olijven, een blikje vis, een brood, bananen en appels en zo was ik de baan op.
Rond km 49 hield ik, nadat ik terug naar een hoogte van 818 m ben geklommen, halt bij een benzinestation, om een cola en een nieuwe fles water te kopen. Ik vroeg aan het meisje waar Laxe lag, want dat stond niet op mijn kaarten. Daar zou ik de albergue opzoeken. Ik vroeg ook aan het meisje hoe warm het was en ze zei: "Ik denk 24 graden," dus het was frisser dan ik dacht.
Natuurlijk ben ik alles voorbij gereden en was ik op weg naar Santiago. Of zou Sint Jacobus willen testen hoe ver hij mij kon drijven?
Een beetje verder zag ik een thermometer en die duidde 31 graden aan. Ik had geen keuze meer en voelde mij goed, vooral bij de afdalingen, want die frisse wind was zalig.
Nog een halte op 19 km van de eindmeet: cola en een stukje chocolade en op naar ...
Op 3 km kwam het doemscenario van verleden jaar weer voor ogen: dat de laatste kilometers zeer zwaar waren. Ik zag voor mij weer een helling opduiken. Ik ben gestopt en heb een cola met een glas water besteld. Ik heb mijn ondertrui uitgedaan om meer adem te krijgen en heb zwoegend de laatste drie kilometers afgelegd.
Om klokslag 17 uur, plofte ik moe en zeer gelukkig, neer in de schaduw om even te bekomen. Je hebt ook andere hoor, die hier aankomen en een stormloop doen. Maar die zijn waarschijnlijk van een andere planeet, of ben ik zo'n zwakke?
Morgen ga ik toch gaan vragen aan Sint Jacobus wat hij eigenlijk vandaag met mij wou bereiken en de rest zal ik hem ook vragen.
Zojuist een mail ontvangen van de drie Italianen. Zij komen zaterdag aan en zouden graag met mij op de foto willen.
Wat is nu het volgende voor mij? Morgen naar de kathedraal, uitvoeren wat ik beloofd heb aan vrienden en familie. En ik kom zeker naar huis.
Morgen geen nieuws, tenzij hier iets speciaals zou gebeuren. Maar overmorgen meer nieuws.
Groetjes aan allen
Cijfers van vandaag
128 km met 1742 hoogtemeters
in totaal heb ik 1063 km gefietst van Sevilla naar Santiago
![]() |
| foto uit Laza Moeder en dochter wonen tegenover elkaar en moeten zo de straat niet oversteken |
![]() |
| gistern in die albergue in Abergueria met al die schelpen |
![]() |
| de roestbak zo wordt die albergue van gistern genoemd |
![]() |
| mijn laatste middagmaal op weg naar Santiago |
![]() |
| aankomst in Santiago |

































